27/08/2026
(08-‘26) GROOTOUDERS IN DE KOU
Bij een echtscheiding staan ouders en kinderen centraal. Grootouders hebben het nakijken. Zij hebben na een echtscheiding niet automatisch recht op omgang met hun kleinkinderen. De wet erkent alleen ouders als rechthebbenden. Voor veel grootouders verandert het contact met de kleinkinderen na een scheiding, vaak in negatieve zin.
EENS IN DE 14 DAGEN OF HELEMAAL NIET MEER
Pake en Beppe, Opa en Opoe, Poake en Grootmoeke passen op de kleinkinderen terwijl de ouders werken; ze eten met de kleinkinderen of brengen ze naar school. Een echtscheiding heeft voor velen tot gevolg dat deze band verslechtert of het contact zelfs helemaal wordt verbroken. Terwijl zij juist continuïteit kunnen bieden als de wereld van de kleinkinderen instort. Ze zien de kleinkinderen soms eens in de 14 dagen als hun zoon “zijn weekend” heeft.
OUDE CONFLICTEN SPELEN OP
Ook komt voor dat de ouders het contact weigeren. Om redenen van persoonlijke conflicten, meningsverschillen (over de opvoeding) of een loyaliteitsconflict na de scheiding. Dat doet pijn. Zij die hun kleinkinderen nooit meer mogen zien, leven naar eigen zeggen ‘in een hel’. Ze proberen een glimp van hun kleinkind op te vangen, via de website van de school, of door bij het schoolplein te gaan kijken.
VIA DE RECHTBANK DOEN
Kun je daar iets aan doen? Je kunt als grootouder op grond van artikel 1:377a BW de rechter vragen om een omgangsregeling met je kleinkind vast te stellen. Let wel: daarvoor is de bloedband alleen niet genoeg. Je moet aantonen dat er een nauwe persoonlijke betrekking bestaat tussen jou en je kleinkind.
Belangrijk dus: de rechter kijkt uiteindelijk niet naar jouw belang als grootouder, maar naar het belang van het kind. De grootouder moet echt een rol van betekenis hebben gespeeld in het dagelijkse leven van het kind. De kinderrechter beoordeelt elke situatie apart. Kinderen vanaf acht jaar mogen hun mening geven tijdens een kindgesprek. Voor grootouders die af en toe oppasten en een logerend kleinkind over de vloer kregen, is een omgangsregeling via de rechter lastig af te dwingen.
HET GESPREK ZOEKEN
Juist daarom is de route van “het gesprek” belangrijk. Die kost minder, beschadigt de familieverhoudingen minder en werkt in de praktijk vaak beter dan een procedure. In alle gevallen geldt, dat als het contact tussen opa en oma en de kleinkinderen door een scheiding verslechtert, het de voorkeur verdient het gesprek aan te gaan. Dit kan ook met inschakeling van een familie-mediator.